Hartelijk welkom voor Ria Mangnus

 

Pastoraal werkster Ria Mangnus is vanmorgen, tijdens een speciale presentatieviering in de Onze Lieve Vrouwekerk in Vlissingen hartelijk welkom geheten. Dat hartelijk welkom werd, nadat zij door dekenaal coördinator Geerten Kok was gepresenteerd, eerst uitgesproken door pastoor Paul de Maat en na afloop van de viering door vele parochianen uit de beide Walcherse parochiekernen.

 

 

Tekst en foto’s: Peter Vrancken

 

 

 

m_boekje viering

 

,,Wij zijn erg blij met Ria Mangnus’’, verwoordde pastoor Paul de Maat de blijdschap namens het Pastoresteam. Ria Mangnus (49) volgt Ralf Grossert op, die een benoeming in oostelijk Zeeuws Vlaanderen aanvaardde. De nieuwe pastoraal werkster zal zich overigens ook een dag per week gaan bezighouden met het ouderenpastoraat op De Bevelanden en Schouwen Duiveland. Om die reden ging ook namens dat Pastoresteam pastoraal werkster Jeanine Heezemans voor in de presentatieviering.

 

Overhandiging symbolen

Tijdens de viering overhandigden vier parochianen kerkelijke symbolen aan Ria Mangnus.

 

IMG_4813

René Adriaansens overhandigt een kaars.

 

 

IMG_4816

Will Sweere overhandigt de hostieschaal

 

 

IMG_4819

Jeannette Vrancken overhandigt een palmtakje

 

 

IMG_4822

Anja van Oers overhandigt de bijbel

 

 

IMG_4826

Ria Mangnus verlaat, na haar presentatie, de kerk.

Links pastoraal werker Bernard  van Lamoen,

daarachter dekenaal coördinator Geerten Kok

 

 

Mooi welkom

,,Wat een mooi welkom’’. Zo begon Ria Mangnus haar dankwoord aan het einde van de presentatieviering. Ria Mangnus dankte bisschop Van den Hende, het dekenaat Zeeland, de pastores waarmee ze nauw gaat samenwerken voor het vertrouwen en alle parochianen voor het hartelijke welkom. ,,Ik hoop dat u mij aanspreekt en dat ik u mag aanspreken’’, aldus Ria Mangnus.

 

IMG_4834

Na afloop vele felicitaties voor de nieuwe pastoraal werkster.

Hier gebeurt dat door het echtpaar Van Damme uit Oost-Souburg

 

 

 


Verkondiging pastoor P. de Maat

 

Tijdens de presentatieviering van Ria Mangus stond ook de verkondiging van pastoor Paul de Maat in het teken van de komst van de nieuwe pastoraal werkster. Onderstaand de verkondiging van pastoor De Maat.

 

 

VERKONDIGING

Wij zijn blij met de komst van Ria en wij verwachten daar veel van..

Want zonder pastoraat geen parochie. Parochieleven zou er gewoonweg niet zijn zonder pastorale beroepskrachten en direct met hen meewerkende parochianen.

 

Laten we onszelf daarom een vraag stellen. Wanneer heeft pastoraat de kwaliteit, die van goed pastoraat het kenmerk is?

 

Goed pastoraat is in feite een vorm van bemiddeling. Het is dienstbaar aan de ontmoeting van God en mens, in alle bescheidenheid natuurlijk, maar toch niet minder dan dat. Bemiddeling op drie manieren. Door voorgaan in het gebed, door het bevestigen van het Gods vertrouwen, dat leeft in het hart van mensen, en ten derde door het tonen van medeleven in vreugde en verdriet , door hulpbetoon in nood.

 

Zonder goed pastoraat kan een parochie niet bestaan. Het is alsof het zo moest zijn dat uitgerekend op deze zondag, precies midden in de veertigdagentijd, ons Ria wordt gepresenteerd als pastoraal werkster en zij ons pastoraat komt versterken.

Wij bereiden ons in deze tijd van bekering voor op Pasen en onze aandacht gaat juist op deze zondag, de vierde in het veertigdagentijd van het jaar C,…  onze aandacht wordt gevestigd op ons pastoraat. Elk van de drie lezingen van deze liturgie maakt ons iets duidelijk van wat goed pastoraat is.

 

In het pastoraat is het de relatie tussen God en mens die op het spel staat. God, van wie wij ons tegenwoordig soms afvragen of Hij zijn volk wel nabij is, nog wel nabij is. Of Hij echt wel in staat is om ons te brengen naar een ongekende toekomst, een toekomst die niet van deze wereld is. Of God ons niet in de woestijn van het leven aan ons lot overlaat, terwijl wij van onze kant ons soms ook niets meer aan Hem gelegen laten liggen. Nog wel humaan proberen te leven, daar gaan we nog wel voor, maar dan zonder God: God niet meer nodig, niet meer wenselijk zelfs. Secularisatie dus, typisch voor onze tijd en ook al doorgedrongen in ons eigen leven wellicht, na een tijd waarin het zo vanzelfsprekend leek om gelovige te zijn. De relatie met God staat op het spel. En wat doet Mozes dan , Mozes: het prototype van een zorgzame herder? Wij lezen het in het boek Numeri en die passage verklaart het woord over de smaad, de spot van Egypte, dat we in de eerste lezing van deze zondag tegenkomen.

 

Mozes werpt zich neer voor de Heer, lezen we in het boek Numeri. Veertig dagen en veertig nachten blijft hij voor Hem liggen. En hij bidt: Heer, vernietig uw volk niet. In het land waaruit U hen hebt weggevoerd zou men er de spot mee drijven en kunnen zeggen: De Heer was niet in staat, hen in het land te brengen dat Hij hun beloofd had. Of: Hij haatte hen en heeft hen van uit hier weggevoerd om ze in de woestijn te laten sterven. Heer,. doe het niet, zij zijn toch uw eigen volk.

Dat doet Mozes, zo bidden. Bemiddelen tussen God en zijn volk. De taak van een pastor. De bezorgdheid van goed pastoraat. Heer doe het niet, zij zijn toch uw eigen volk. Een dringende voorbede.

 

En dan de tweede lezing. Paulus schrijft in de tweede lezing over het pastoraat, dat staat in de traditie van de apostelen. Aan dat pastoraat is de dienst van de verzoening toevertrouwd.

Niet het pastoraat zelf moet de verzoening tussen God en mens bewerkstelligen. Dat zou ook niet kunnen. Nee, de verzoening is al tot stand gebracht: God heeft zich met ons verzoend in Christus.

 

Nu komt het er op aan dat door middel van het pastoraat mensen hiervan overtuigd worden. Dat mensen zich daaraan durven toevertrouwen. Niemand van ons is geheel en al rechtvaardig te noemen, want dat zijn wij niet en het lukt ons ook niet om dat te zijn. Altijd weer zijn wij schuldig. Maar een van ons, de zoon van Maria, is rechtvaardig, ja geheel zonder zonde.  En uitgerekend Hij heeft de kruisdood willen ondergaan, in die tijd de ergste straf voor de grootste misdadiger. Daarin werd hij dus a.h.w. tot zonde gemaakt, maar dat was omwille van ons. Door deze uiterste solidariteit met zijn medemensen  kwam de verzoening tot stand tussen God en mens. Iets wat niet mogelijk kon zijn is toch gebeurd. Bevrijd worden van schuld. Wij verkondigen dan ook zijn dood als een blijde boodschap. Zo niet met woorden dan toch zeker met een sprekend gebaar: door te eten en te drinken, brood en wijn.

 

Aan het oorspronkelijke getuigenis van de apostelen over de ware menswording van Gods woord houden wij ons vast. In ons pastoraat zal alles erop gericht zijn dat wij onszelf hieraan toevertrouwen. Dat wij met blijdschap deze boodschap ter harte nemen. Je mag er zijn met alles wat je bent, neem dat maar van ons aan. Dat zeggen, daarvan overtuigen, daarmee bewijst het pastoraat mensen een grote dienst.

 

Straks in het slotlied, gekozen door Ria voor haar presentatiedienst, zingen wij over ons pastoraat en daarin komt alles nog eens ter sprake.  Wij zingen dan elkaar toe : Laat elk talent beschikbaar zijn, en ook:  laat ieder deel van leven zijn, en tenslotte: laat alle kracht gebundeld zijn.

 

Ik citeer een zinnetje uit dit rijke lied: Laat al wie in God gelooft zich tot de minste keren. 

Waarom staat ons precies dat te doen ? De vader uit de gelijkenis in het evangelie hield zijn deur niet op slot. Hij liet zijn zoon die het zo verknald had en hem verschut had gezet voor de goegemeente, niet tevergeefs aanbellen. Integendeel: hij zette zijn deur open, nee hij deed nog veel meer: toen hij hem in de verte zag aankomen ging hij naar buiten en snelde op hem toe, viel hem om de hals en kuste hem. Door medelijden bewogen en het is waarachtig geen goedkoop medelijden: het mooiste kleed, een kostbare ring, sandalen aan zijn voeten, goed eten en drinken. Alles wordt uit de kast gehaald.

 

Met de gelijkenis van de verloren zoon, wil Jezus duidelijk maken wie God is. Die gelijkenis kan maar beter: de gelijkenis van de barmhartige Vader genoemd worden.

 

Zo is God dus, als de vader in deze gelijkenis.. Daarin zal goed pastoraat bemiddelen, in de relatie van mensen tot deze barmhartige God.  Doordat het pastoraat zelf de wegen vindt om zich tot de minste te keren. Door zo goed als God te zijn.

 

Voor de praktijk van het pastorale handelen zijn enkele dingen herkenbaar van betekenis. Natuurlijk is daar het boek der boeken. Maar ook een kaars die ontstoken wordt spreekt boekdelen evenals het palmtakje waarmee gezegend wordt. En natuurlijk is daar de hostieschaal, verwijzend naar het vleesgeworden woord van God. Enkele parochianen zullen nu Ria dit alles ter hand komen stellen.